De column van Kees


Geplaatst op 28 november 2011 - Door Izaak Lamse

November

In de eerste week van deze maand ging ik verder waar ik de laatste week van vorige maand was gebleven te weten in het Rotterdamse. Circa vijfhonderd meter van het veld waar ik de vorige week was  mocht ik deze dag mijn kunsten vertonen. Ook bij deze vereniging werd ik uitermate vriendelijk ontvangen. Het veld lag er goed bij en het waren volgens mij de minimale maten dus dat is voor het loopvermogen prettig. Het begon overigens redelijk komisch. Zoals gebruikelijk had ik natuurlijk de beide assistenten uitgenodigd voor het wekelijkse praatje. Keurig op tijd werd er op de deur geklopt en ik riep dat ze er in konden komen. Dit herhaalde zich twee keer en toen dacht ik nog zijn ze me voor de gek aan het houden want er kwam steeds niemand binnen. Toen ik dan ook de deur met een ferme zwaai opende bleek de oorzaak van het euvel. In verband met veiligheidsoverwegingen was de deur niet van de buitenkant te openen. Gelukkig werd ik snel een stuk scherper deze middag want toen na een minuut of tien een speler van de thuisclub een blessure behandeling moest hebben zag ik tot mijn stomme verbazing dat hij geen scheen beschermers droeg. Hij reageerde overigens oprecht verbaas en zei dat hij ze in de dug-out had laten liggen hetgeen ook klopte. Hem maar even uit het veld gezonden om zijn uitrusting in orde te laten maken. Maar men was wel verbaasd over het feit dat ik dat zag. Ik ook touwens. Hoewel de eerste grote kans van de wedstrijd voor de bezoekers was nam de thuisclub in de loop van de eerste helft een voorsprong. Na rust deed zich wel een bijzonder moment voor. Iedereen stond klaar voor de aftrap van de tweede helft toen ik ontdekte dat de assistent van de thuisclub er niet was. Grote paniek natuurlijk want waar was hij gebleven. Na een aantal minuten kwam de man met een rood hoofd naar buiten. Natuurlijk werd er direct door het publiek gereageerd. Na de wedstrijd vertelde hij dat hij iets moest halen maar ik denk dat hij iets weg moest brengen. De thuisclub scoorde nog twee keer en boekte dus een eenvoudige overwinning. De kaarten konden op zak blijven waardoor ook ik een hele leuke middag had. Na afloop heerlijke zelfgemaakte gehaktballetjes gegeten en met een tevreden gevoel naar Zeeland gereden.

De week erop mocht ik naar de zuidgrens van Brabant. Dit dorp is vooral bekend om zijn bloemencorso. De oplossing kunt u inzenden maar iets winnen kunt u niet dus ik zou het maar laten. Was het op zaterdag prachtig weer op zondag was het mistig en zuur. Zodoende werd het mijn eerste optreden in lange mouwen maar dat terzijde. Overigens was de ontvangst prima. Ook de accommodatie zag er prachtig uit. Beide ploegen begonnen stevig aan de wedstrijd en de eerste tien minuten had ik mijn handen vol. Vooral verbaal heb ik me even goed laten gelden. In de rust zeiden een paar supporters zelfs tegen me dat ze verbaasd waren dat er uit zo’n klein ventje zoveel lawaai kon komen…..Maar het hielp wel want op twee gele kaarten na bleef het rustig in de wedstrijd. Het krachtsverschil was overigens groot want de bezoekers waren heer en meester en drukte dit uit in vier doelpunten keurig verdeeld over de twee speelhelften. Daar kon de thuisclub niets maar dan ook echt niets tegenover stellen. Zodoende had ik wederom een makkelijke middag. Dit kwam mede door twee zeer correcte assistenten die er werkelijk alles aan deden om de wedstrijd goed te laten verlopen. Zo ging ik bij een ingewikkelde buitenspel situatie grof in de fout door het signaal van mijn assistent te negeren. In plaats van boos te worden deed hij direct zijn vlag naar beneden. In de rust ben ik maar naar hem toe gegaan om te zeggen dat ik ernaast zat. Ik complimenteerde hem met het feit dat hij zich zo keurig had gedragen. Maar scheids zei hij dat hadden we toch afgesproken! Zo kan het dus ook. Maar ook zijn collega aan de overkant was zeer correct. Toen een speler van de thuisclub geblesseerd was en ik het niet zag attendeerde hij mij erop en adviseerde om het spel stil te leggen. Terwijl het voor hem toch een speler van de tegenstander was. Mijn grootste zorg was nog de opkomende mist die het zich langzaam maar zeker steeds verder terugbracht. Gelukkig konden we de wedstrijd uitspelen maar het had niet veel langer moeten duren. Toen ik terugreed zat het de eerst kilometers potdicht. Het viel met wederom op dat zelfs de verliezers tevreden waren met de scheidsrechter. Dat doet een ego als ik altijd goed. Ik ben toch eigenlijk wel aan een lekkere serie bezig. Als er een periode kampioenschap voor scheidsrechters was dan deed ik het waarschijnlijk best leuk. Het vervelende is altijd dat er altijd een einde komt aan zo’n serie. Toch hoop ik dat dit nog even weg blijft. Als je dan op maandag in de krant leest dat een twaalfjarige scheidsrechter bij een F pupillen wedstrijd wordt bedreigd dan denk je toch waar zijn we mee bezig.

De volgende zondag mocht ik naar het verre oosten (van Brabant wel te verstaan). De nummer laatst speelde tegen de nummer één. Dat kan soms moeilijk zijn als de wedstrijd niet loopt zoals verwacht. Was het in onze provincie nog prachtig helde en zonnig weer zodra ik de provincie had verlaten werd het zicht steeds minder. Na een kort opleving in het midden van Brabant werd het zicht de laatste dertig kilometer dramatisch slecht. Ik ging het bange vermoeden krijgen dat ik  voor niets zo’n eind had gereden. Heb ik overigens in het begin van mijn zondag loopbaan wel eens gezegd dat het stil was in de bestuurskamer hier had men volgens mij het hele dorp in de bestuurskamer uitgenodigd. Het was er overigens wel super gezellig. Nadat ik mij had omgekleed ben ik maar eens op het veld gaan kijken. Daar schrok ik toch wel een beetje want het zicht was ronduit slecht te noemen. Ik kon staande op de middenstip de beide doelen wel zien maar dan had je het ook wel gehad. Na overleg met beide trainers toch maar begonnen aan de wedstrijd. Die verliep de eerste helft toch wel verassend want de thuisploeg die dus laatst stonden namen brutaal de leiding. De koploper kon daar weinig tegenover stellen. Of het moet het oeverloze gemekkerd van hun aanvoerder zijn. Dat was een ex prof die dan zo nodig in het amateurvoetbal moet gaan afbouwen en dat vooral met zijn mond doet. Op een gegeven moment was ik het echt beu en heb ik hem duidelijk gemaakt dat de maat vol was. Helaas begreep hij het en kon ik hem zijn welverdiende kaart niet meer geven. Op slag van rust maakte ze uit het niets ook nog gelijk. Toch hield de thuisploeg zich ook in de tweede helft redelijk staande en leek het op een gelijkspel uit te draaien. Maar toen sloeg het noodlot toe. De ex-prof die zich nu beperkte tot voetbal speelde zich prachtig vrij en schoot snoeihard op de goal. De aanvoerder van de thuisploeg stond op de doellijn en hield de bal tegen met zijn arm. Ik stond erbij en keek ernaar en wilde eigenlijk het liefst door de grond zakken. Want ik besefte de gevolgen en plotseling voelde ik ook allerlei menselijke trekjes bij me opkomen. De aanvoerder was een toffe peer en bovendien gunde ik de thuisclub ook hun succes. Even overwoog ik nog geel te trekken maar marchanderen is gelukkig niet mijn sterkste punt. Bovendien zou er in de dichte mist natuurlijk ook nog een rapporteur met een verrekijker kunnen liggen. Ik besloot dus toch maar te fluiten, rood te trekken en een strafschop aan de bezoekers te geven. Even speelde de overtreder nog de vermoorde onschuld maar gelukkig hoorde ik een teamgenoot zeggen dat hij geen toneelspel op moest voeren. Hands is hands zo stelde hij. Daarop besloot hij zonder protest het veld te verlaten en hoewel de keeper nog met zijn vingertoppen aan de bal zal verzilverden de bezoekers dit buitenkansje. Het was ook direct de eindstand. Na het laatste fluitsignaal verwachtte ik toch nog wel wat commentaar er kwam niets dan complimenten en ook het publiek hield zijn mond. In de bestuurskamer was gelukkig inmiddels het halve dorp vertrokken maar bleef het gezellig druk. Na een mistige terugreis kon ik toch weer terugkijken op een leuke middag. Al vond ik het zelf best wel een lastige wedstrijd.

Het volgende weekend mocht ik weer eens op zaterdag fluiten. Het betrof een bekerwedstrijd tussen een Zeeuwse zaterdag derde klasser en een Zeeuwse zondag eerste klasser. Met de zaterdagploeg heb ik al jaren een moeizame verhouding en ook de zondagploeg staat niet bekend als makkelijk. Het beloofde dus een moeilijke middag te worden. Eerst mocht ik met mijn jongste zoon mee die als hij zou winnen kampioen was. Bloedstollend was het wel maar ze wonnen niet en het gelijkspel leek niet voldoende te zijn. Gelukkig was de concurrent ook zo vriendelijk om gelijk te spelen waardoor alsnog het kampioenschap gevierd kon worden. Maar een ideale voorbereiding vond ik het niet. De adrealine spoot nog door mijn lijf toen ik op het sportpark aan kwam. Gelukkig was de ontvangst prettig en kwam ik tijdens de warming-up langzaam weer tot mezelf. Mijn verwachting dat het lastig zou worden kwam overigens wel uit. De thuisploeg speelde met veel inzet en dat kostte ze drie gele kaarten in de eerste helft. Wel namen ze verassend de leiding en dat leverde dan bij de bezoekers weer veel irritatie op. Nog voor de rust kwamen ze toch nog gelijk. Wat ik dan weer vreemd vind is het feit dat de trainer van de thuisploeg in de rust mij zo nodig toe moet bijten dat eens moet stoppen met “al” die kaarten. Terwijl ze gewoon alle drie heel duidelijk waren. Zelfs de assistent van de thuisclub was het volledig met me eens! De tweede helft bleef het spannend. Weliswaar kwamen de bezoekers op voorsprong maar de thuisclub maakte toch weer gelijk. Na veel gemekker heb ik toch maar eens een kaart aan de bezoekers gegeven en dat hielp gelukkig. De bezoekers wonnen tenslotte toch nog. In de laatste minuut twijfelde ik nog even over rood toen een speler van de thuisclub wel erg hard iemand onderuit haalde. Maar ik besloot vooral gezien het gedrag van de thuisclub wat uitstekend was toch maar geel te trekken. Natuurlijk is dat een slap excuus maar het voelde goed. Ik hoorde overigens ’s maandags op het werk van een collega dat een groepje scheidsrechters langs de lijn mij tot de grond toe hadden afgebrand. Hij vond dat niet echt collegiaal en hij vroeg zich af of eronder scheidsrechters geen collegialiteit bestond. Ik heb hem toen maar gezegd dat de meeste scheidsen collegiaal met elkaar omgaan. Ik hoop maar dat hij het geloofde maar eigenlijk is het natuurlijk te triest voor woorden. Ik verlaag me in ieder geval nooit tot dergelijk gedrag. Overigens heb ik het natuurlijk zelf niet gehoord en is het iets van horen zeggen en dat is ook altijd gevaarlijk. Laten we er maar vlug over ophouden. De sfeer na de wedstrijd was overigens uitstekend en ik kan toch weer terugzien op een hele leuke middag. Wat mij betreft is mijn moeizame relatie met de thuisclub bij deze verleden tijd. Ik heb het er gewoon erg naar mijn zin gehad deze keer! Zodoende zit ook de maand November er alweer op. Kijken of de afgelastingen weg blijven in december.                    

Kees  

Advertentie